Tweede Kamer positief over Wet bevordering wooncoöperaties

Verschillende politieke partijen gaven afgelopen woensdag 10 juni hun reactie op het wetsvoorstel bevordering wooncoöperaties in de Tweede Kamer. Cooplink was er natuurlijk bij, net als een flink aantal van onze leden en andere sympathisanten!

Creatieve steunbetuigingen vooraf

Om de wet te steunen organiseerde Cooplink voorafgaand aan de sessie een oploopje, om de pers en de voorbijlopende kamerleden te laten weten dat dit onderwerp belangrijk voor ons is. Een flink aantal van jullie gaf gehoor aan onze oproep om naar de Tweede Kamer te komen en we zagen een heleboel creatieve bordjes. Van “Geef starters hoop met meer coop!” en “Iedereen een coöphuis” tot “Wees lief! Gun iedereen een collectief“, jullie hadden er duidelijk plezier in!

De bordjes mochten helaas niet mee op de publieke tribune, maar het feit dat die goed gevuld was maakte minstens evenveel impact. Geweldig bedankt lieve mensen! Dit helpt echt om politieke partijen te laten zien dat burgers en kiezers hier warm voor lopen. Als we er samen onze schouders onder zetten gaat het lukken!

Kamer overwegend positief

In de Tweede Kamer heette voorzitter Thom van Campen de druk bezochte publieke tribune hartelijk welkom. Voor de gelegenheid hadden Mustapha, Bernard, Clemens en ambtelijk ondersteuner Renée plaatsgenomen in Vak K van de plenaire zaal, vlak achter initiatiefnemer Sandra Beckerman (SP). Ook zij werden welkom geheten door de voorzitter, waarna hij het het woord gaf aan de verschillende partijen in de kamer om hun reactie op de wet te geven.

In vak K, in de plenaire zaal van de Tweede Kamer. Van links naar rechts: Bernard Smits (Cooplink), Clemens Mol (Stichting !Woon), Sandra Beckerman (SP), Mustapha Eaisaouiyen (Cooplink), Renée Weekers-Lameijer (BZK)

Die waren overwegend positief. Met name het ‘samen zelf doen’, het bouwen van gemeenschappen en het wegnemen van onduidelijkheid in de wet worden breed gewaardeerd. Ook prezen de partijen de inzet van Sandra Beckerman voor het initiëren van deze wet. Een kamermeerderheid lijkt het voorstel dan ook te gaan steunen.

Sociaal-maatschappelijke voordelen

Wooncoöperaties bouwen aan hechte gemeenschappen waarin bewoners naar elkaar omkijken en samen verantwoordelijkheid nemen voor hun leefomgeving. Deze woonvorm stimuleert ontmoeting en verbinding, wat helpt om eenzaamheid onder zowel jongeren als ouderen tegen te gaan. Bovendien geeft deze woonvorm bewoners de regie en controle over hun eigen woning en buurt weer terug. De partijen hebben waardering voor burgerinitiatief, en het principe dat burgers zich vrijwillig verenigen en samen de schouders onder hun eigen woon- en leefomgeving zetten.

Het concept van de wooncoöperatie is kortom een waardevolle manier om de onderlinge gemeenschapszin en betaalbaarheid in de volkshuisvesting te vergroten. Omdat wooncoöperaties werken zonder winstoogmerk, blijft het wonen op de lange termijn gegarandeerd betaalbaar en wordt speculatie met vastgoed uitgesloten.

Helder juridisch en wettelijk kader

De partijen zijn het er over eens dat de wet zorgt voor een helder juridisch kader en betere kansen op financiering, waardoor burgerinitiatieven in de toekomst minder snel vastlopen. Het wettelijk vastleggen van de ‘vastgoedcoöperatie’ (zonder winstoogmerk) binnen de Woningwet geeft financiers meer juridisch houvast, wat de kans op het krijgen van een lening vergroot. Het verankeren van het onderscheid tussen ‘beheercoöperaties’ en ‘vastgoedcoöperaties’ in de wet krijgt eveneens bijval: dit sluit goed aan op de realiteit.

Voor gemeenten helpt een duidelijke wet om sneller te beoordelen wat er lokaal juridisch en financieel mogelijk is. Daarnaast stimuleert het gemeenten om hier via hun woonvisie bewust over na te denken. Als gemeenten besluiten beleid voor wooncoöperaties te maken kan dit vastgelegd worden in de lokale prestatieafspraken.

Oproep om barrières weg te nemen

Verschillende partijen benadrukten dat de wet niet alleen de definities moet aanscherpen, maar ook oplossingen bieden voor de échte knelpunten in de praktijk — zoals het gebrek aan locaties, complexe bankfinanciering, fiscale belemmeringen, de kostendelersnorm en lange procedures.

Grond

Zo riep Jimmy Dijk (SP) op om barrières rondom grond en locaties te doorbreken: “Wat gaat de minister doen om ervoor te zorgen dat wooncoöperaties makkelijker van de grond kunnen komen? Deze wet neemt barrières weg, maar daarmee blijven er nog steeds barrières over. Een cruciale barrière zit ‘m in locaties, grond, betaalbare grond, grond om op te bouwen. Zonder locaties bouwen we luchtkastelen.”

Habtamu de Hoop (PRO / 50PLUS) sloot zich daarbij aan. “Op dit moment concurreren coöperaties die geen winstoogmerk hebben met commerciële partijen om grond. Dat is niet helemaal eerlijk. Hoe kunnen we hen daarin meer perspectief bieden?” De Groep Markuszower wil er juist voor waken dat wooncoöperaties ‘onterecht’ worden bevoordeeld (met grond of geld) ten opzichte van reguliere woningcorporaties of private bouwers. De FVD is ook huiverig voor nieuwe ‘subsidiekranen’: nieuwe, kostbare subsidiestromen en aanspraken op gemeenschapsgeld (zoals het Waarborgfonds Sociale Woningbouw).

Inclusiviteit

De Hoop vroeg verder om gerichte actie om te zorgen dat het oprichten van wooncoöperaties voor iedereen toegankelijk wordt, niet alleen voor ‘zelfredzame burgers’. “Als de wet wordt aangenomen, hoe zorgt het kabinet dan in de uitvoering ervoor dat iedereen die het wil, in staat wordt gesteld en wordt geholpen om zo’n coöperatie te beginnen?”

Ook de SP vindt inclusiviteit belangrijk. Hoewel Jimmy Dijk zijn waardering uitsprak voor de mensen op de publieke tribune die de schouders eronder zetten om het “zelf te doen”, waarschuwde hij dat het niet zo mag zijn dat alleen initiatieven overleven waarin leden flink wat eigen geld kunnen inleggen. “Welke extra stappen wil de minister zetten om te zorgen dat initiatieven niet stranden omdat leden niet genoeg eigen kapitaal hebben om in te leggen?”

Net als Dijk prees Hanneke Steen (CDA) de enorme inzet van “zeer, zeer, zeer betrokken inwoners”. Tegelijkertijd plaatste ze een kanttekening bij de afhankelijkheid daarvan: in de praktijk kost het oprichten soms wel acht jaar “duwen en trekken”. Ze vraagt zich af hoe de overheid kan borgen dat een coöperatie stabiel en toegankelijk blijft op de lange termijn, zodra deze eerste generatie van zeer zelfredzame en trekkende initiatiefnemers wegvalt of verhuist.

Wil je de reacties van de partijen in hun geheel lezen? Hier vind je een transcriptie van de bijeenkomst.

Wordt vervolgd op 18 juni!

Op donderdagochtend 18 juni (onder voorbehoud van wijzigingen) zal de kamer verder debatteren over het wetsvoorstel. Dan staan initiatiefnemer Sandra Beckerman (SP), ondersteund door o.a. Cooplink, en minister Elanor Boekholt O’Sullivan (Volkshuisvesting & Ruimtelijke Ordening) opnieuw de Tweede Kamer te woord over de wet.

In deze sessie worden de vragen behandeld die op 10 juni gesteld zijn door de partijen in de Kamer. Daarnaast krijgen alle politieke partijen de gelegenheid om moties in te dienen. Op een nog nader te bepalen datum wordt er over de wet en de moties gestemd.

Wil je ook je steun betuigen? Kom samen met ons op de tribune zitten voor maximale visuele impact! Hier lees je hoe dat in zijn werk gaat en hoe je je aanmeld.