Afgelopen woensdag 10 juni werd de initiatiefwet bevordering wooncoöperaties behandeld in de Tweede Kamer. Daarbij gaven verschillende politieke partijen hun reactie op het wetsvoorstel. Cooplink was er natuurlijk bij, net als een flink aantal van onze leden en andere sympathisanten!
Creatieve steunbetuigingen vooraf
Om de wet te steunen organiseerde Cooplink voorafgaand aan de sessie een oploopje, om de pers en de voorbijlopende kamerleden te laten weten dat dit onderwerp belangrijk voor ons is. Een flink aantal van jullie gaf gehoor aan onze oproep om naar de Tweede Kamer te komen en we zagen een heleboel creatieve bordjes. Van “Geef starters hoop met meer coop!” en “Iedereen een coöphuis” tot “Wees lief! Gun iedereen een collectief“, jullie hadden er duidelijk plezier in.
Geweldig bedankt lieve mensen! Dit helpt echt om politieke partijen te laten zien dat burgers en kiezers hier warm voor lopen. Als we er samen onze schouders onder zetten gaat het lukken!


Kamer overwegend positief
In de Tweede Kamer gaf de voorzitter het woord aan de verschillende partijen in de kamer om hun reactie op de wet te geven. Die waren overwegend positief: met name het ‘samen zelf doen’, het bouwen van gemeenschappen en het wegnemen van onduidelijkheid in de wet worden breed gewaardeerd. Een kamermeerderheid lijkt het voorstel dan ook te gaan steunen.
Sociaal-maatschappelijke voordelen
Wooncoöperaties bouwen aan hechte gemeenschappen waarin bewoners naar elkaar omkijken en samen verantwoordelijkheid nemen voor hun leefomgeving. Deze woonvorm stimuleert ontmoeting en verbinding, wat helpt om eenzaamheid onder zowel jongeren als ouderen tegen te gaan. Bovendien geeft deze woonvorm bewoners de regie en controle over hun eigen woning en buurt weer terug. De partijen hebben waardering voor burgerinitiatief, en het principe dat burgers zich vrijwillig verenigen en samen de schouders onder hun eigen huisvesting zetten.
Het concept van de wooncoöperatie is kortom een waardevolle manier om de onderlinge gemeenschapszin en betaalbaarheid in de volkshuisvesting te vergroten. Omdat wooncoöperaties werken zonder winstoogmerk, blijft het wonen op de lange termijn gegarandeerd betaalbaar en wordt speculatie met vastgoed uitgesloten.
Helder juridisch en wettelijk kader
De partijen zijn het er over eens dat de wet zorgt voor een helder juridisch kader en betere kansen op financiering, waardoor burgerinitiatieven in de toekomst minder snel vastlopen. Het wettelijk vastleggen van de ‘vastgoedcoöperatie’ (zonder winstoogmerk) binnen de Woningwet geeft banken en financiers meer juridisch houvast, wat de kans op het krijgen van een lening vergroot. Het verankeren van het onderscheid tussen ‘beheercoöperaties’ en ‘vastgoedcoöperaties’ in de wet krijgt eveneens bijval: dit sluit goed aan op de realiteit.
Voor gemeenten helpt een duidelijke wet om sneller te beoordelen wat er lokaal juridisch en financieel mogelijk is. Daarnaast stimuleert het gemeenten om hier via hun woonvisie bewust over na te denken.

In de Tweede Kamer. Van links naar rechts: Bernard Smits (Cooplink), Clemens Mol (Stichting !Woon), Sandra Beckerman (SP), Mustapha Eaisaouiyen (Cooplink)
Kritische noten
Een aantal partijen (met name op de rechterflank) plaatste ook kritische kanttekeningen. Zo wil de Groep Markuszower ervoor waken dat wooncoöperaties onterecht worden bevoordeeld (met grond of geld) ten opzichte van reguliere woningcorporaties of private bouwers. De FVD is bang voor nieuwe ‘subsidiekranen’: nieuwe, kostbare subsidiestromen en aanspraken op gemeenschapsgeld (zoals het Waarborgfonds Sociale Woningbouw).
FVD en DNA vrezen ook dat een landelijke ‘aansporing’ aan gemeenten om beleid te maken uiteindelijk zal leiden tot dringende verplichtingen en extra overheidsbemoeienis. CDA, SGP en JA21 wijzen erop dat de wet meer werk betekent voor gemeenten: die krijgen extra taken (zoals het verplicht opnemen van wooncoöperaties in de woonvisie), wat druk legt op hun capaciteit.
En tenslotte vroegen CDA en FVD zich af in hoeverre de wet oplossingen biedt voor de échte drempels: de wet verandert alleen definities, maar lost de werkelijke knelpunten in de praktijk — zoals het gebrek aan locaties, complexe bankfinanciering, fiscale belemmeringen, de kostendelersnorm en lange procedures — niet op.
Wordt vervolgd op 18 juni!
Op donderdagochtend 18 juni (onder voorbehoud van wijzigingen) zal de kamer verder debatteren over het wetsvoorstel. Dan staan initiatiefnemer Sandra Beckerman (SP), ondersteund door o.a. Cooplink, en minister Elanor Boekholt O’Sullivan (Volkshuisvesting & Ruimtelijke Ordening) opnieuw de Tweede Kamer te woord over de wet.
In deze sessie worden de vragen behandeld die op 10 juni gesteld zijn door de partijen in de Kamer. Daarnaast krijgen alle politieke partijen de gelegenheid om moties in te dienen. Op een nog nader te bepalen datum wordt er over de wet en de moties gestemd.
Wil je je steun betuigen? Kom samen met ons op de tribune zitten! Hier lees je hoe dat in zijn werk gaat en hoe je je aanmeld.

